samenwerkingsverband

Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs 30 06 over de leerKRACHT-methodiek

Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs 30 06 werkt sinds het begin van schooljaar 2020-2021 met de methodiek van Stichting leerKRACHT. Tot grote tevredenheid van de schoolondersteuners Jacqueline Pluk, Sanne Gevers en Saskia Mink. ‘Werken met leerKRACHT versnelt de processen. Iedereen weet waar hij of zij aan toe is en er is meer betrokkenheid, omdat we met z’n allen bepalen wat we doen en hoe we dat doen.’

Toen het samenwerkingsverband werd uitgebreid met een flink aantal schoolondersteuners zochten directie en medewerkers naar een goede manier om lijn in de samenwerking te brengen. Bovendien veranderde de rol van de ondersteuners op de scholen. Werkten de ambulant begeleiders voorheen meer met individuele leerlingen, nu zetten ze hun expertise breder in. Daardoor zijn de schoolondersteuners beter in staat de ondersteuningsstructuur van een school verder te professionaliseren en de docentvaardigheden op dit gebied te versterken. Het maakt dat scholen beter in staat zijn passend onderwijs te bieden. ‘Onze rol werd meer coachend in plaats van uitvoerend en sowieso werken we allemaal behoorlijk solistisch, met hooguit één collega-schoolondersteuner op een school’, legt Jacqueline uit.


Kennismaking met leerKRACHT

De schoolondersteuners maakten kennis met leerKRACHT via de directeur van SWV VO 30 06, die de methodiek op een bijeenkomst had leren kennen. Expertcoach Anna Steeneken van Stichting leerKRACHT werd vervolgens uitgenodigd. Sanne herinnert het zich nog goed. ‘We zaten met het hele team bij elkaar, alle medewerkers en ook de leidinggevenden. Anna liet ons kennismaken met het verbeterbord, leerkringen, de arena’s. Aan het eind van deze eerste sessie waren we unaniem onder de indruk en wilden we de leerKRACHT-methodiek graag uitproberen.’

Leerkringen en verbeterborden

Saskia: ‘Natuurlijk hadden we verschillende behoeften, maar ons was meteen duidelijk dat de tools van leerKRACHT konden zorgen voor teamvorming binnen het samenwerkingsverband en voor stroomlijning van onze behoeftes met betrekking tot onze professionele rol, inclusief onze nieuwe rol op de scholen.’ Het eerste halfjaar zijn de medewerkers van SWV VO 30 06 intensief bezig geweest zich de structuur en tools van leerKRACHT eigen te maken. ‘We hebben leerkringen geformeerd, die allemaal met hetzelfde thema aan de slag gingen. In het begin wilden we veel te veel hooi op onze vork nemen, maar Anna liet ons inzien dat we ons moesten beperken. Stap voor stap en niet te omvangrijke thema’s. Twee thema’s per jaar, zo focus je veel meer op de inhoud’, benadrukt Saskia.

Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs 30 06, kortweg SWV VO 30 06, bestaat uit alle scholen voor voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs in de gemeenten Oss, Uden, Meierijstad (Veghel en Sint-Oedenrode), Bernheze en Landerd. De middelbare scholen binnen het samenwerkingsverband hebben met elkaar de verantwoordelijkheid om voor iedere jongere in de regio passend onderwijs te verzorgen. SWV VO 30 06 biedt de scholen ondersteunende expertise, zodat leraren en andere onderwijsprofessionals in staat zijn elke leerling zo goed mogelijk te begeleiden.



Saskia Mink                             Jacqueline Pluk                     Sanne Gevers

        

Niet vanzelf

Jacqueline, één van de twee leerKRACHT-coaches binnen SWV VO 30 06, signaleerde op sommige momenten bij zichzelf en haar collega’s enige worsteling en wat weerstand. ‘Het duurde even, voordat we de tools van leerKRACHT niet zagen als doel op zich, maar veel meer als middel, wat ze ook zijn’, legt ze uit. ‘Waren sommige collega’s bang dat het meer werk zou opleveren, inmiddels weten we beter. Werken met leerKRACHT versnelt de processen juist. Iedereen weet waar hij of zij aan toe is en er is meer betrokkenheid, omdat we met z’n allen bepalen wat we doen en hoe we dat doen.’

Tijd voor de inhoud en meer daadkracht

Jacqueline vervolgt: ‘Na vijf maanden hebben we nieuwe leerkringen met nieuwe thema’s benoemd. In deze tweede ronde merk ik heel sterk dat de werkwijze een middel is geworden, in plaats van een doel op zich. De manier van werken zit nu veel meer in ons systeem dan in het begin. Daardoor kunnen we ons weer veel meer op de inhoud richten. En dan merk je dat je veel gemakkelijker doelen kunt stellen, taken kunt verdelen, afvinken wat gedaan is en vervolgstappen kunt nemen.

Door deze werkwijze zijn we daadkrachtiger geworden en kunnen we dieper op de inhoud ingaan.’ Het samenwerkingsverband past alle elementen van leerKRACHT toe. ‘Soms in een aangepaste vorm en hebben we er onze eigen draai aan gegeven, want we zijn natuurlijk geen schoolorganisatie’, lacht Sanne. ‘In het begin hadden we wekelijks een bordsessie van een kwartier. Nu is dat één keer in de twee weken een half uur. Die frequentie en duur blijkt voor ons soort werk beter te zijn. Een andere aanpassing is de arena. Die houden wij niet met leerlingen, maar met stakeholders van ons samenwerkingsverband. We bevragen ze bijvoorbeeld over de pedagogische driehoek. We halen daar enorm veel informatie uit. Maar het blijft een zoektocht, omdat de leerKRACHT-methodiek oorspronkelijk niet voor samenwerkingsverbanden ontwikkeld is.’

Nu de methodiek van leerKRACHT een soort natuurlijke werkwijze van het hele team geworden is, is er veel meer tijd en ruimte om op inhoud met elkaar te praten, merken de dames. ‘Inmiddels ziet ons team dat er met deze werkwijze zoveel vooruitgang te boeken is en dat het geen extra tijd kost, maar dat we er juist tijd mee winnen en veel daadkrachtiger en actiegericht door zijn geworden’, zegt Saskia. ‘Dat heeft eventjes geduurd, maar we zijn enorm blij met deze opbrengst. Het moet immers om de inhoud gaan. En ook niet onbelangrijk, leerKRACHT houdt je scherp op het belang van collegialiteit. Helemaal tijdens corona.’


Mee naar de scholen in het samenwerkingsverband

Saskia is begonnen om de leerKRACHT-methodiek naar een aantal van haar scholen mee te nemen. Op twee scholen is ze bezig om het verbeterbord te implementeren. Haar doel is om structuur aan te brengen in de veranderingsslag die deze scholen willen maken in het passend onderwijs. ‘Als schoolondersteuners zijn we regelmatig op scholen. Op die momenten kunnen we laten zien welk profijt je van de leerKRACHT-methodiek kunt hebben. Maar het is best ingewikkeld’, vindt ze. ‘De medewerkers van de twee scholen waar ik met verbeterborden werk, hebben zich de methode nog niet helemaal eigen gemaakt. Ze gebruiken het verbeterbord, omdat ik dat aanbied. Toch pakken we het bord er iedere keer bij en nemen we door wat ze zelf hebben bedacht. Regelmatig hoor ik: ‘Oei, dat heb ik vorige keer dan wel aangegeven, maar ik ben er nog niet aan toegekomen.’ Het is aan ons als schoolondersteuners om te proberen de scholen te laten inzien dat het werken met een verbeterbord functioneel kan zijn en tijd oplevert. Ik hoop dat leraren en schoolleiders gaan ervaren dat het verbeterbord je bij de les houdt. Het biedt overzicht en structuur, waardoor de aandacht vooral uit kan gaan naar de inhoud in plaats dat er teveel rekening moet worden gehouden met beleidsmatige zaken.’

Elkaar versterken

Werken met de leerKRACHT-methodiek is wennen, maar het geeft prettige en werkbare kaders en tools om dat te bereiken wat je daadwerkelijk wilt bereiken, is de conclusie van de dames. Niet alleen voor scholen, maar dus ook voor samenwerkingsverbanden. Saskia: ‘Je stelt samen je ambitie en je doelen vast en kijkt in alle openheid naar je eigen en elkaars functioneren. Dat alles laat je telkens terugkomen in de bordsessies. Alles is bespreekbaar en je bent zelf verantwoordelijk om te zeggen wat je te zeggen hebt. Iedereen wordt gehoord. Het is een erg prettige manier om zonder persoonlijke emoties met elkaar te spreken over de inhoud en ieders functioneren.

‘Al blijft het best lastig om ontwikkelgerichte feedback aan elkaar te geven’, voegt Sanne toe. ‘Maar we zijn nog geen jaar bezig met leerKRACHT, dus ook dat is nog een kwestie van wennen. Samen beter worden in je werk, wie wil dat nou niet?’


Wat doet een samenwerkingsverband?

Vanuit de wens van passend onderwijs hebben scholen zorgplicht. Zorgplicht betekent dat scholen de verantwoordelijkheid hebben om alle leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben een passende onderwijsplek te bieden. Als het kan, gebeurt dit op de eigen school. Om deze ondersteuning te kunnen bieden, werken reguliere middelbare scholen en scholen voor speciaal voortgezet onderwijs intensief met elkaar samen. Dit doen ze binnen een samenwerkingsverband. Elk samenwerkingsverband maakt afspraken over de uitvoering van passend onderwijs. Deze afspraken passen bij de situatie van de regio. Als een leerling behoefte heeft aan ondersteuning, dan kijkt de school samen met ouders en de leerling naar wat er nodig is. Schoolondersteuners van het samenwerkingsverband dragen vervolgens hun expertise over aan leraren en andere onderwijsprofessionals rondom de leerling.

Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs 30 06